Water en schoenen :
De beste schoenen die je kan dragen wanneer je veel in water loopt of vaak met overtollig vocht te maken hebt is nog steeds een laars.
En wanneer je terecht opmerkt dat een werkdag lang met laarzen erg vermoeiend is en je liever veiligheidsschoenen draagt dan moet je er rekening mee houden dat het bovenleer van schoenen onder invloed van water of vocht sterk te lijden heeft en de levensduur met 50% of meer gereduceerd wordt.
Door water verzadigd leder verliest zijn sterkte en is dan zeer gevoelig voor scheuren, ongeacht het merk of de prijs van het schoeisel.
Kies voor natte werkomstandigheden steeds voor laarzen of wissel regelmatig van schoen zodoende deze voldoende kunnen opdrogen.
De juiste onderzool kiezen voor je veiligheidsschoenen.
De nieuwe ontwikkelingen bij veiligheidsschoenen zijn amper bij te houden.
HKS lanceerde destijds als één van de eerste de nieuwe TPU-onderzool.
Gebruiken heden oa. TPA en aluminium, ergonomische veiligheidsneuzen.
En nu is er met de Rubber X-treme ook een oplossing voor gebruik van veiligheidsschoenen bij natte vloeren.
Een zachter materiaal geeft een betere anti-slip.
Contacteer onze productspecialisten voor een productvoorstelling.
Nieuwe wetgeving EHBO :
Het koninklijk besluit van 15 december 2010 betreffende de eerste hulp vervangt het artikelen 174 tot 183ter van het ARAB tot regeling van de eerste hulp en dringende verzorging aan een persoon die door een ongeval of een ongesteldheid werd getroffen.
Een overzicht van de nieuwe bepalingen.
Eerste hulp
Onder eerste hulp wordt verstaan, het geheel van noodzakelijke handelingen die er op gericht zijn de gevolgen van een ongeval of een traumatische of niet-traumatische aandoening te beperken en er voor te zorgen dat de letsels niet erger worden, in afwachting van (en indien nodig) gespecialiseerde hulp. De notie dringende verzorging is verdwenen omdat deze zorgen specifieke procedures en bekwaamheden vereisen om te kunnen worden verstrekt (zoals arts of verpleegkundige).
De eerste hulp wordt verleend door de werknemer die hiertoe tenminste de vorming en de bijscholing heeft gevolgd. De vorming houdt ook verband met de risico’s die inherent zijn aan de specifieke activiteit van de werkgever.
Algemene verplichtingen van de werkgever
De werkgever is ertoe gehouden om in functie van de aard van de activiteiten en de resultaten van de risicoanalyse, de nodige maatregelen te treffen om:
- de werknemers die het slachtoffer zijn van een ongeval zo spoedig mogelijk eerste hulp te bieden of een medische dienst te alarmeren
- ervoor te zorgen dat de betrokken werknemer kan vervoerd worden
- de nodige contacten te leggen met diensten buiten de onderneming gespecialiseerd in medische noodhulp opdat de betrokken werknemer zo snel mogelijk de gepaste medische hulp zou bekomen.
De werkgever waakt erover dat deze maatregelen worden toegepast op alle personen die op de arbeidsplaats aanwezig zijn.
Met het oog op de uitvoering van deze maatregelen zal de werkgever in samenwerking met de interne of externe dienst en na voorafgaand advies van de het comité, volgende acties uitwerken:
- een procedure voor eerste hulp vaststellen volgens de voorschriften van het intern noodplan
- de nodige middelen vastleggen die noodzakelijk zijn voor de organisatie van de eerste hulp
- het aantal werknemers bepalen die ingezet moeten worden voor de organisatie van de eerste hulp
- de specifieke risico’s bepalen die verbonden zijn aan de activiteiten waarvoor de hulpverlener hetzij de basisvaardigheden en/of de specifieke vaardigheden eerste hulp moeten verwerven.
Bij de uitwerking van deze acties wordt rekening gehouden met de aard van de activiteiten die wordt verricht en de resultaten van de risicoanalyse.
Uitrusting en organisatie
Om de eerste hulp te kunnen verstrekken zijn een verbanddoos en een verzorgingslokaal noodzakelijk.
De werkgever stelt zelf vast wat nodig is voor de organisatie van de eerste hulp. Dit gebeurt in samenwerking met de dienst preventie en bescherming op het werk en na voorafgaand advies van het comité. De basis vormt hierbij risicoanalyse. De inrichting van een verzorgingslokaal en de aanduiding van het aantal hulpverleners gebeurt volgens de karakteristieken en de risicoanalyse van de onderneming. Indien uit de resultaten van de risicoanalyse blijkt dat een verzorgingslokaal niet noodzakelijk is, moet geen lokaal worden ingericht. Dit is niet langer afhankelijk van de grootte van de onderneming.
De inhoud van een verbanddoos wordt niet meer vastgelegd door de wet, maar wordt overgelaten aan de beoordeling van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer en het comité.
De werkgever houdt een register bij waarin de werknemer die een interventie doet in het kader van eerste hulp, zijn naam en deze van het slachtoffer vermeldt, evenals de datum van de interventie.
Vorming en bijscholing
De werknemer die een vorming heeft gevolgd inzake de basiskennis en eventueel de specifieke kennis eerste hulp, mag eerste hulp verstrekken. Een jaarlijkse bijscholing is noodzakelijk tenzij uit de risicoanalyse, en na voorafgaand advies van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer, blijkt dat een meer in de tijd gespreide bijscholing geen afbreuk doet aan de kennis en de vaardigheden waarover de werknemer als hulpverlener moet beschikken.
Inwerkingtreding
Dit nieuwe besluit treedt in werking op 1 januari 2011.